Home / Kennisbank / Jachthuur en jachtrecht op landgoederen regelen

Jachthuur en jachtrecht op landgoederen regelen

Jachthuur sinds de Omgevingswet: wie het jachtrecht heeft, wat de overeenkomst regelt en hoe pacht en NSW meespelen. Lees waar u als verhuurder op let.

Jachthuur is op veel landgoederen een vast onderdeel van de exploitatie. U verhuurt het recht om op uw grond te jagen aan een jager of jachtcombinatie, voor een reeks van jaren en met verplichtingen die verder reiken dan de huurprijs. Sinds 1 januari 2024 staan de regels voor de jacht in de Omgevingswet, en daarmee zijn enkele vertrouwde begrippen veranderd. Wie een overeenkomst sluit of vernieuwt, doet er goed aan het contract naast de huidige regels te leggen.

Hieronder staat de positie van de grondeigenaar centraal: wie het jachtrecht heeft, wat de overeenkomst moet regelen en hoe jacht samengaat met pacht, wildschade en openstelling. Het jachtrecht raakt aan vrijwel elke andere afspraak op een landgoed en verdient daarom meer aandacht dan een losse inkomstenpost. Hoe die afspraken samen het beheer bepalen, beschrijven wij in het overzicht van landgoedbeheer en de Natuurschoonwet.

💡 De kern in het kort

  • Bij pacht gaat het jachtrecht naar de pachter, tenzij de verpachter het heeft voorbehouden.
  • Een jachthuurovereenkomst is schriftelijk en gedagtekend en loopt zes tot twaalf jaar.
  • Verlenging mag niet worden bedongen, en bij verkoop van de grond loopt de jachthuur door.
  • Jagen met een geweer vraagt minimaal 40 hectare aaneengesloten jachtveld per jachthouder.
  • Jachthouders sluiten zich aan bij een wildbeheereenheid en jagen volgens het faunabeheerplan.
  • Een opengesteld NSW-landgoed mag voor jacht ten hoogste zeven dagen per jaar dicht.

Jachtrecht: wie het heeft en wat het inhoudt

Het jachtrecht is het recht om op een bepaald stuk grond de jacht uit te oefenen. Artikel 8.3 van de Omgevingswet noemt als gerechtigden de eigenaar, de erfpachter of vruchtgebruiker, de pachter of de huurder van het jacht. Zij sluiten elkaar uit, zodat er per stuk grond steeds één jachtgerechtigde is. De wet noemt die partij de jachthouder.

Bij erfpacht en vruchtgebruik gaat het jachtrecht naar de erfpachter of vruchtgebruiker, tenzij de eigenaar het bij de vestiging heeft voorbehouden of het jacht toen al was verhuurd. Dat speelt bijvoorbeeld wanneer ouders bij een herschikking van familiebezit de blote eigendom aan hun kinderen overdragen en zelf het vruchtgebruik houden. Leg in de akte vast bij wie de jacht komt te liggen, want zonder voorbehoud geldt de wettelijke hoofdregel.

Jachthuur: het jachtrecht verhuren aan een jager

De eigenaar, de erfpachter, de vruchtgebruiker en de pachter kunnen het jachtrecht verhuren. Gebruikt de verhuurder de grond niet zelf, dan is daarvoor toestemming van de grondgebruiker nodig. Met de verhuur gaat het jachtrecht voor de duur van de overeenkomst over op de huurder. Omdat de jachtgerechtigden elkaar volgens de wet uitsluiten, is de huurder vanaf dat moment de jachthouder en niet langer de eigenaar.

Voor de eigenaar gaat het om meer dan een jaarlijkse vergoeding. Een betrokken jachthouder kent het terrein, signaleert schade en neemt een deel van het faunabeheer voor zijn rekening. Tegelijk verbindt u een partij voor vele jaren aan uw grond, wat de keuze van de huurder minstens zo belangrijk maakt als de prijs.

De jachthuurovereenkomst: eisen sinds de Omgevingswet

Een jachthuurovereenkomst is schriftelijk en gedagtekend en loopt minimaal zes en maximaal twaalf jaar (artikel 8.3, eerste lid, onder d, Omgevingswet). Een beding van optie of verlenging is niet toegestaan. Korter mag alleen als de grond betrokken is bij een herverkaveling, op grond van artikel 11.70 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

Bij verkoop van de grond gaat de jachthuur over op de koper, omdat partijen niet mogen afwijken van de regel dat koop geen huur breekt (artikel 7:226 Burgerlijk Wetboek). Volgens de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging (KNJV) mag de nieuwe eigenaar de huurprijs tijdens de looptijd niet verhogen. Wie een landgoed of een deel daarvan verkoopt, neemt de lopende jachthuur dus mee in de verkoopvoorwaarden en in de prijs.

Tussentijdse opzegging regelt de Omgevingswet niet; volgens de KNJV kan de overeenkomst alleen eerder eindigen als alle partijen daarmee instemmen. Wederverhuur mag alleen met toestemming van de oorspronkelijke verhuurder en als het jachtrecht in zijn geheel wordt doorverhuurd. Leg daarnaast vast wat de wet open laat, zoals schadebestrijding, toegang, rustgebieden en de afstemming met pachters en werkzaamheden in het bos.

Begrippen bij jachthuur
Jachtrecht
Het recht om op een stuk grond te jagen; per stuk grond is er steeds één jachtgerechtigde.
Jachthouder
Wie op grond van artikel 8.3 Omgevingswet jachtgerechtigd is, bij verhuur de huurder.
Jachthuur
Schriftelijke, gedagtekende overeenkomst van minimaal 6 en maximaal 12 jaar, zonder optie of verlenging.
Jachtveld
Voor jagen met een geweer minimaal 40 hectare aaneengesloten per jachthouder.
Wildbeheereenheid
Vereniging die lokaal het faunabeheerplan uitvoert; jachthouders met een jachtgeweervergunning sluiten zich aan.
Faunabeheerplan
Plan van de faunabeheereenheid, goedgekeurd door Gedeputeerde Staten; de jacht volgt dit plan.

Het jachtveld: oppervlakte en begrenzing

Wie met een geweer jaagt, heeft volgens artikel 11.76 van het Besluit activiteiten leefomgeving minimaal 40 hectare aaneengesloten jachtveld nodig, waarin een cirkel met een straal van 150 meter past. Voor iedere andere persoon die er zelfstandig mag jagen, komt er 40 hectare bij; de jachtopzichter telt niet mee. Land en water mogen worden opgeteld, mits de jachthouder ook op het water jachtrecht heeft.

Niet alle grond telt mee. Openbare verharde wegen (grindwegen uitgezonderd), begraafplaatsen en de bebouwingscontour jacht met de terreinen die daar direct aan grenzen, blijven buiten de berekening. Delen van een terrein gelden als afzonderlijke jachtvelden als de verbinding ergens smaller is dan 50 meter, als een autosnelweg ze scheidt of als er water tussen ligt dat breder is dan 10 meter en waarop de jachthouder geen jachtrecht heeft.

Die begrenzing werkt door in elke grondtransactie. Verkoopt of ruilt u een perceel, dan kan het jachtveld onder de 40 hectare zakken of in afzonderlijke delen uiteenvallen, terwijl de jachthuurovereenkomst nog jaren doorloopt. De huurder kan er dan niet meer met een geweer jagen. Laat daarom vooraf toetsen wat een verkoop of ruil betekent voor lopende overeenkomsten.

Omgevingsvergunning jachtgeweeractiviteit en bejaagbare soorten

De jachtakte heet sinds 1 januari 2024 de omgevingsvergunning voor een jachtgeweeractiviteit; een oude jachtakte blijft geldig tot de vervaldatum. De korpschef van de politie verleent de vergunning aan wie onder meer is geslaagd voor het jachtexamen, verzekerd is tegen aansprakelijkheid en 18 jaar of ouder is. De vergunning geldt hoogstens een jaar, van 1 april tot 1 april, dus vraag als verhuurder jaarlijks om een bewijs van vergunning en verzekering.

Gejaagd mag alleen worden op haas, fazant, wilde eend, houtduif en konijn (artikel 8.3, vierde lid, Omgevingswet). Voor het konijn is het hele jaar in heel Nederland geen jachtseizoen, voor de haas geldt dat in Groningen, Limburg en Utrecht. Waar de jacht wel open is, loopt het seizoen voor haas en fazantenhen van 15 oktober tot en met 31 december, voor fazantenhaan en houtduif van 15 oktober tot en met 31 januari en voor de wilde eend van 15 augustus tot en met 31 januari. Op zondag, op een aantal feestdagen en tussen zonsondergang en zonsopgang wordt in beginsel niet gejaagd.

Wildbeheereenheid en faunabeheereenheid

Jachthouders met een omgevingsvergunning jachtgeweeractiviteit moeten zich aansluiten bij een wildbeheereenheid, een vereniging die op lokaal niveau het faunabeheerplan uitvoert (artikel 8.2 Omgevingswet). Ook grondgebruikers en terreinbeherende organisaties kunnen lid worden. De provincie bepaalt in de omgevingsverordening hoe groot het gebied van een wildbeheereenheid is en in welke gevallen aansluiting niet verplicht is.

Op provinciaal niveau stelt de faunabeheereenheid, met daarin jachthouders en maatschappelijke organisaties, het faunabeheerplan op dat Gedeputeerde Staten goedkeuren. De jacht moet volgens dat plan plaatsvinden (artikel 11.63 Besluit activiteiten leefomgeving), en het afschot wordt per soort gemeld aan de faunabeheereenheid. Voor schadebestrijding geldt daarnaast een landelijke vrijstelling voor onder meer konijn, vos, houtduif en zwarte kraai; die bevoegdheid ligt bij de grondgebruiker en niet vanzelf bij de jachthouder. Spreek in de overeenkomst daarom af wie de schadebestrijding feitelijk uitvoert.

Wildschade en de zorg voor een redelijke wildstand

De jachthouder moet zorgen voor een redelijke wildstand en voorkomen dat haas, konijn, wilde eend, houtduif en fazant schade aanrichten in de omgeving van het jachtveld (artikel 11.65 Besluit activiteiten leefomgeving). Dat is de kern van zijn verantwoordelijkheid tegenover eigenaar, pachters en buren. Hoe hij daaraan invulling geeft, bepaalt in de praktijk hoeveel discussie er over schade aan gewassen ontstaat.

Voor faunaschade kunnen grondgebruikers een tegemoetkoming aanvragen bij de provincie, die de aanvragen door BIJ12 laat behandelen. Schade door soorten waarop de jacht is geopend, valt daar in beginsel buiten, al is een tegemoetkoming buiten het jachtseizoen of bij gesloten jacht soms wel mogelijk. Voorwaarde is dat de grondgebruiker zelf preventieve maatregelen heeft genomen, bij gewassen met een middelhoog of hoog saldo minstens twee effectieve maatregelen.

Ook bij een toegekende tegemoetkoming draagt de aanvrager een eigen risico: in de meeste provincies 5%, met een minimum van €250, en in Fryslân 20%. Een deel van de wildschade blijft dus altijd voor rekening van de grondgebruiker, wat een actieve jachthouder voor pachters en buren waardevol maakt. Leg in de jachthuurovereenkomst vast hoe hij met hun schademeldingen omgaat, zodat ieder vooraf weet welke inspanning wordt verwacht.

Jacht en pacht: wie mag wat op verpachte grond

Over jacht op verpachte grond bestaat een hardnekkig misverstand. Het jachtrecht gaat bij pacht naar de pachter, tenzij de verpachter het bij het aangaan van de pacht heeft voorbehouden of het jacht toen al was verhuurd (artikel 8.3, eerste lid, onder c, Omgevingswet). Een eigenaar die dit niet heeft geregeld, kan het jacht op zijn eigen grond dus niet verhuren.

Heeft de verpachter het jachtrecht wel voorbehouden en verhuurt hij het jacht, dan is toestemming van de pachter als grondgebruiker nodig. Dan hebben eigenaar, pachter en jachthouder met elkaar te maken. Heldere afspraken over toegang, jachttijden en schademeldingen voorkomen dat die driehoek gaat schuren.

Controleer daarom bij bestaande pachtovereenkomsten of het jachtrecht is voorbehouden, en neem dat voorbehoud bij nieuwe contracten standaard op. Welke andere afspraken in een pachtcontract thuishoren, komt aan bod bij grond verpachten. Op een landgoed met veel verpachte percelen bepaalt dit voorbehoud mede wat het jachtrecht waard is.

Jacht op een opengesteld NSW-landgoed

Een landgoed dat onder de Natuurschoonwet is gerangschikt en is opengesteld, moet in beginsel het hele jaar dagelijks van zonsopkomst tot zonsondergang toegankelijk zijn. Voor jacht, populatiebeheer of schadebestrijding mag het terrein ten hoogste zeven dagen per jaar voor publiek worden gesloten. Dat staat in de Beleidsregel openstelling landgoederen Natuurschoonwet 1928, die ook voorschrijft dat de afsluiting met borden bij de toegangswegen wordt aangegeven.

Op een drukbezocht landgoed vraagt dat om planning en om duidelijke afspraken met de jachthouder over de veiligheid van wandelaars. Ontvangt u ook SNL-subsidie voor natuurbeheer, dan geldt daar eveneens een openstellingseis van minimaal 358 dagen per jaar. Stem beide regimes af voordat u een jachtrooster vastlegt.

Jachthuurprijs en de onderhandeling

Een officiële richtprijs voor jachthuur per hectare is er niet. De prijs komt tot stand in onderhandeling en hangt af van oppervlakte en samenhang, wildstand, de afwisseling van bos, akker en water, de looptijd en de taken die de jachthouder op zich neemt. Een terrein dat net boven de 40 hectare uitkomt, is anders te waarderen dan een jachtveld voor meerdere zelfstandige jagers.

Bij het jacht huren of verhuren speelt ook de btw een rol: volgens de KNJV kan sinds 1 januari 2018 21% btw van toepassing zijn op jachthuur. Of dat in uw situatie zo is, beoordeelt uw fiscalist. Leg de prijs en een eventuele jaarlijkse aanpassing bij aanvang vast, want achteraf wijzigen kan alleen als beide partijen daarmee instemmen.

Jachthuur behoort tot de specialismen van onze rentmeesters. Wij beoordelen het jachtveld, toetsen bestaande overeenkomsten aan de Omgevingswet, onderhandelen namens de eigenaar en stemmen de jacht af op pacht, openstelling en bosbeheer. Meer over onze werkwijze leest u bij rentmeesterschap.

Veelgestelde vragen over jachthuur en jachtrecht op landgoederen regelen

Kan een jachthuurovereenkomst worden verlengd?

Niet via een beding in de overeenkomst zelf, want een optie of verlenging mag niet worden afgesproken. Wel kunnen partijen een nieuwe overeenkomst van zes tot twaalf jaar sluiten, volgens de KNJV al een tot twee jaar voordat de oude afloopt. Wie op tijd begint, kan de voorwaarden dan in alle rust herzien.

Wat gebeurt er met de jachthuur als ik mijn grond verkoop?

De jachthuur loopt door, want koop breekt geen huur en daarvan mogen partijen bij jachthuur niet afwijken. De koper treedt in de rechten en plichten van de verhuurder en mag de huurprijs volgens de KNJV tijdens de looptijd niet verhogen. Vermeld de lopende overeenkomst daarom in de verkoopstukken, zodat de koper weet wat hij overneemt.

Mag een jachthuurder het jachtveld onderverhuren?

Alleen met toestemming van de oorspronkelijke verhuurder en uitsluitend als het jachtrecht in zijn geheel wordt doorverhuurd. Ook die overeenkomst moet volgens de KNJV schriftelijk en gedagtekend zijn.

Wat gebeurt er met de jachthuur als de jachthouder overlijdt?

De overeenkomst eindigt niet vanzelf: volgens de KNJV treedt de erfgenaam in de plaats van de jachthouder (artikel 7:229 Burgerlijk Wetboek). Of die erfgenaam er zelf met een geweer kan jagen, hangt af van zijn eigen vergunning.

Moet een jachthuurder lid worden van een wildbeheereenheid?

Ja. Jachthouders met een omgevingsvergunning jachtgeweeractiviteit zijn verplicht zich aan te sluiten bij een wildbeheereenheid, en na verhuur is de huurder de jachthouder. De provincie kan in de omgevingsverordening uitzonderingen maken. Als verhuurder kunt u in de overeenkomst opnemen dat de huurder zijn lidmaatschap jaarlijks aantoont.

Tot slot

Jachthuur lijkt een overzichtelijke afspraak, maar raakt aan veel onderdelen van een landgoed. De regels over looptijd en verlenging zijn streng, en bij pacht ligt het jachtrecht vaker bij de pachter dan veel eigenaren denken. Een zorgvuldig ingerichte overeenkomst geeft eigenaar, pachters en jachthouder voor zes tot twaalf jaar duidelijkheid.

Het beste moment om de afspraken te herzien ligt vóór een verandering: als een overeenkomst afloopt, als er een verkoop of nieuwe pacht op stapel staat of als het jachtveld krap aan de oppervlakte-eisen voldoet. Een lopende overeenkomst eindigt immers alleen eerder als alle partijen instemmen, en anders zit u jarenlang vast aan voorwaarden die niet meer passen.

Wilt u een lopende jachthuurovereenkomst laten toetsen of een nieuwe laten opstellen? Onze rentmeesters bekijken dan met u het jachtveld, de pachtsituatie en de openstelling, en treden daarbij uitsluitend op voor de grondeigenaar. U kunt uw situatie aan ons voorleggen per e-mail of telefoon.

Regelgeving en marktomstandigheden veranderen. Dit artikel geeft algemene informatie en is geen advies over uw persoonlijke situatie. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend.

Impressies uit ons werkgebied
Landgoed met vijver en bos vanuit de lucht
Landhuis met vijver op een landgoed
Entree van een historische buitenplaats
Landhuis tussen oude bomen in de herfst


← Terug naar kennisbank

Wilt u weten hoe u ervoor staat?

Legt u uw situatie voor aan een van onze rentmeesters. U krijgt een helder oordeel over uw positie en over de stappen die verstandig zijn.

Leg uw situatie voor

In Memoriam Johan van der Slikke (1951–2025)

Op donderdag 19 juni jl. ontvingen wij het droevige bericht dat Johan van der Slikke is overleden. Johan was een bevlogen rentmeester en ondernemer met een scherp oog voor de agrarische sector. Met zijn kantoor, opgericht in de jaren ’80 op Schouwen-Duiveland, bouwde hij aan een indrukwekkende praktijk in Zeeland, West-Brabant en ver daarbuiten.

Johan stond bekend om zijn passie voor het vak, zijn warme omgang met klanten en zijn visie op rentmeesterschap. Onder zijn leiding groeide het kantoor uit tot een breed georiënteerd bedrijf met activiteiten op het gebied van makelaardij, beheer, taxatie en onteigening — altijd met een persoonlijke en deskundige benadering.

In 2019 koos Johan bewust voor een overdracht van zijn onderneming aan Van Hoven & Oomen, met wie hij al lange tijd een warme band onderhield. Zo ontstond Van Hoven & Oomen Van der Slikke Rentmeesters — een samensmelting van gedeelde waarden en kennis.

Johan was een echt mensenmens: bourgondisch, humoristisch, innemend en vol verhalen. Hij laat een blijvende indruk achter.

Wij wensen zijn vrouw Marieke, de kinderen en kleinkinderen veel kracht en troost toe in deze moeilijke tijd.

_60A7955 _60A7955