Home / Kennisbank / Wonen op een landgoed: mogelijkheden en regels

Wonen op een landgoed: mogelijkheden en regels

Wonen op een landgoed als huurder of als eigenaar: huurrecht, pacht, de Natuurschoonwet en het omgevingsplan op een rij. Lees waar u op let.

Wonen op een landgoed betekent wonen in een omgeving die vaak al generaties in samenhang wordt beheerd. Dat maakt wonen op landgoed wezenlijk anders dan wonen in een woonwijk. De woning hoort bij een groter geheel van bos, natuur, landbouwgrond en gebouwen, en de regels die op dat geheel rusten, raken ook de bewoner. Dat geldt voor de huurder, en evenzeer voor de eigenaar die wil bouwen, verbouwen of een woning wil afsplitsen.

Hieronder komen beide kanten aan bod: eerst de positie van wie een woning op een landgoed huurt of pacht, daarna de mogelijkheden en grenzen voor de eigenaar, inclusief de route van het nieuwe landgoed. Fiscale structuren zoals een familiefonds of een stichting behandelen wij kort, met een verwijzing naar de artikelen die er dieper op ingaan. Het beheer van het landgoed als geheel, van bos tot rangschikking, staat centraal in ons overzicht over landgoedbeheer en de Natuurschoonwet.

💡 De kern in het kort

  • Een huurder van een landgoedwoning heeft dezelfde huurbescherming als iedere andere huurder van woonruimte.
  • Sinds 1 juli 2024 is een huurcontract voor onbepaalde tijd de hoofdregel, op enkele uitzonderingen na.
  • Bij verpachting van een hoeve hoort de bedrijfswoning bij de pacht en gelden de pachtregels.
  • Gebouwen van vóór 1950 die hun uiterlijk hebben behouden, tasten volgens de NSW-regels het natuurschoon niet aan.
  • Een nieuwe woning vraagt ruimte in het omgevingsplan en valt niet vanzelf binnen de rangschikking.
  • Provincies bieden soms ruimte voor nieuwe landgoederen met woningen, in ruil voor nieuwe natuur en openbaarheid.

Wat wonen op een landgoed in de praktijk betekent

Een landgoed is een samenhangend geheel van bos, natuur, landbouwgrond, water en gebouwen. Naast het hoofdhuis staan er vaak een koetshuis, een boswachterswoning, pachtboerderijen of voormalige arbeiderswoningen. Veel landgoedeigenaren verhuren die woningen, omdat de huuropbrengst bijdraagt aan het onderhoud van het geheel. Een woning op een landgoed is daarom nooit een losstaand object: zij hoort bij een bezit dat over generaties wordt beheerd.

Voor de bewoner heeft dat gevolgen in het dagelijks leven. Op een opengesteld landgoed lopen wandelaars langs de paden, in het bos wordt gedund en geoogst en op de akkers werkt een pachter. Wie hier woont, deelt de omgeving met andere gebruikers. Heldere afspraken over erfgrenzen, het onderhoud van tuin en beplanting en het gebruik van paden voorkomen dat kleine ergernissen uitgroeien tot een conflict.

Landgoed huren: de positie van de huurder

Wie een woning op een landgoed huurt, sluit een gewone huurovereenkomst voor woonruimte, met dezelfde huurbescherming als iedere andere huurder. De verhuurder kan de huur niet zomaar beëindigen: stemt de huurder niet in met een opzegging, dan beslist de rechter. Die kan de vordering alleen toewijzen op een wettelijke grond, zoals slecht huurderschap, dringend eigen gebruik of het verwezenlijken van een functie die het omgevingsplan aan de woning toedeelt.

Sinds 1 juli 2024 geldt bovendien de Wet vaste huurcontracten. Een nieuwe huurovereenkomst is in beginsel voor onbepaalde tijd; een tijdelijk contract van ten hoogste twee jaar mag alleen nog met bepaalde groepen, zoals studenten. Voor de huurder betekent dat meer zekerheid, voor de landgoedeigenaar een langdurige verbintenis, ook als de woning over enkele jaren nodig is voor een opvolger of een medewerker. Sinds diezelfde datum geldt ook de Wet betaalbare huur, waardoor het puntenstelsel voortaan ook voor middenhuurwoningen de maximale huur bepaalt. Een puntentelling vooraf laat zien welke huur bij de woning past.

Als huurderWoonruimte huren op het landgoedHuurbescherming zoals eldersVast contract is de hoofdregelPuntenstelsel kan huur begrenzenOpzeggen alleen op wettelijke grondHuurrecht geldtAls eigenaarWonen, bouwen of afsplitsenOmgevingsplan bepaalt wat magNieuwbouw valt vaak buiten NSWAfsplitsen raakt de rangschikkingErfpacht houdt grond in eigen handEerst toetsen

Pachterswoning: wonen onder de regels van pacht

Niet iedere woning op een landgoed wordt verhuurd. Bij een pachtboerderij is de woning vaak onderdeel van een hoeve: een complex van gebouwen en het daarbij behorende land dat dient voor de uitoefening van de landbouw. Wordt zo’n hoeve verpacht, dan valt de bedrijfswoning onder de pachtovereenkomst en gelden de regels van pacht, niet die van huur. Hoe een pachtovereenkomst tot stand komt en welke pachtvormen er zijn, beschrijven wij bij grond verpachten.

Een keuzemoment ontstaat wanneer een pachter stopt. De eigenaar kan de woning dan bij het land laten, afzonderlijk verhuren of beschikbaar stellen aan de familie. Die keuze raakt de exploitatie, de waarde van de vrijkomende grond en soms de rangschikking onder de Natuurschoonwet. Een goede afweging begint bij de rechten van de pachter en bij wat het omgevingsplan op die plek toestaat.

Wonen op landgoed als eigenaar: hoofdhuis en bestaande gebouwen

Woont u als eigenaar zelf op het landgoed, dan meestal in het hoofdhuis. Bij een historisch huis spelen vaak de monumentenstatus en de vergunningplicht voor wijzigingen een rol. Wie een bijgebouw, zoals een koetshuis, een schuur of een oranjerie, tot woning wil verbouwen, stuit eerst op de vraag of wonen op die plek is toegestaan. Dat bepaalt het omgevingsplan van de gemeente.

Sinds 1 januari 2024 heeft iedere gemeente een omgevingsplan, waarvan de oude bestemmingsplannen van rechtswege deel uitmaken. Staat het plan wonen op de gewenste plek niet toe, dan is een wijziging van het omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit nodig. De gemeente weegt daarbij onder meer de ruimtelijke kwaliteit en de provinciale regels mee. Om dezelfde reden mag een recreatiewoning op een landgoed niet zonder meer permanent worden bewoond.

Natuurschoonwet en woningen: wanneer telt een gebouw mee

Voor een landgoed dat onder de Natuurschoonwet is gerangschikt, komt er een tweede toets bij. Het Rangschikkingsbesluit vraagt onder meer ten minste vijf hectare, waarvan ten minste dertig procent bos of natuur, en een gebruik dat het natuurschoon niet aantast. Terreinen en opstallen die het natuurschoon wel aantasten, worden niet tot het landgoed gerekend. Welke eisen verder gelden en hoe de aanvraag verloopt, is uitgewerkt bij de voorwaarden voor NSW-rangschikking.

Voor gebouwen geeft het besluit een duidelijke lijn. Opstallen die vóór 1 januari 1950 zijn gebouwd en hun uiterlijke karakter hebben behouden, gelden niet als inbreuk op het natuurschoon. Andere opstallen passen alleen als zij grotendeels functioneel zijn voor de instandhouding of het beheer, en zo nodig door beplanting aan het oog zijn onttrokken. Dat peiljaar schuift volgens het besluit elke tien jaar op; na 1 juni 2027 wordt het 1960.

Een nieuwe, moderne woning voor de familie valt daardoor in de regel buiten de rangschikking. Voldoet de rest van het landgoed nog aan de voorwaarden, dan blijft die gerangschikt, maar het perceel met de woning profiteert niet van de fiscale faciliteiten. Wijzigingen in terreinen of opstallen geeft u door aan RVO. Laat vooraf beoordelen wat een bouwplan betekent voor de rangschikking en voor eerder genoten voordelen.

Een landgoedwoning afsplitsen, verkopen of in erfpacht uitgeven

Soms wil een eigenaar een woning afstoten, bijvoorbeeld om groot onderhoud elders te kunnen betalen. Bij verkoop in volle eigendom verlaat de woning het landgoed. Wie een gedeelte van een gerangschikt landgoed verkrijgt en de rangschikking wil voortzetten, moet volgens RVO binnen zes maanden een nieuwe rangschikking aanvragen. Wordt een groot woonhuis in tweeën gedeeld, dan gelden de regels voor woningsplitsing in het buitengebied.

Een alternatief is uitgifte in erfpacht of met een recht van opstal. Bij erfpacht mag de bewoner de onroerende zaak houden en gebruiken, meestal tegen een periodieke canon, terwijl de grond van het landgoed blijft; bij opstal heeft de bewoner de woning in eigendom op grond van het landgoed. Het Rangschikkingsbesluit kent daarbij een bijzondere regeling. Een perceel van ten hoogste één hectare met een opstal van vóór 1950, dat aan het landgoed grenst en daar historisch nauw mee verbonden is, kan onder strenge voorwaarden als landgoed gelden wanneer het met erfpacht of vruchtgebruik is bezwaard en de landgoedeigenaar de grond houdt.

Nieuwe landgoederen: woonrecht in ruil voor natuur

Een bijzondere route is het nieuwe landgoed. Verschillende provincies bieden ruimte om in het buitengebied woningen te bouwen, op voorwaarde dat daar een substantiële investering in natuur en landschap tegenover staat. De voorwaarden verschillen per provincie en worden in het omgevingsplan van de gemeente verder uitgewerkt. De regeling in Noord-Brabant is daarvan een helder voorbeeld.

De Omgevingsverordening Noord-Brabant vraagt voor een nieuw landgoed ten minste tien hectare, waarvan de helft bestaat uit aangelegde natuur binnen het Natuur Netwerk Brabant. De bebouwing komt daarbuiten, zo veel mogelijk geconcentreerd, met allure en passend bij het landgoed, en de openbaarheid moet zijn verzekerd. Ook op een bestaand landgoed kan onder voorwaarden een woning worden toegevoegd. In Gelderland mag een omgevingsplan in de Groene ontwikkelingszone onder voorwaarden uitbreiding van een NSW-landgoed met opstallen toelaten.

Voor de grondeigenaar is dit vooral een rekensom. Tegenover de waarde van het woonrecht staan de kosten van grondverwerving, natuuraanleg, procedures en langdurig beheer, waarbij afhankelijk van het natuurbeheerplan SNL-subsidie een rol kan spelen. Wie van losse percelen een volwaardig, gerangschikt landgoed wil maken, vindt de stappen bij een landgoed oprichten.

Woningen binnen een familiestructuur

Soms is een landgoed ondergebracht in een structuur waarin meerdere familieleden samen betrokken zijn. Wie dan op het landgoed woont, doet dat op basis van afspraken met die structuur. Bij een familiefonds voor vastgoed zijn de participanten economisch gerechtigd tot het vastgoed. Bij een familiestichting is de stichting eigenaar en heeft geen enkel familielid een eigendomsrecht.

Het ligt daarom voor de hand het wonen zakelijk te regelen, met een huurovereenkomst en een huurprijs die bij de woning past. Woont een familielid zonder huur te betalen in een woning van een stichting of fonds, dan kan dat fiscaal als een bevoordeling worden gezien en ontstaat scheefgroei tussen de takken van de familie. Bij een stichting komt daar de wettelijke grens aan uitkeringen aan oprichters en bestuurders bij. Leg daarnaast vast wie in het hoofdhuis mag wonen en wat er gebeurt bij overlijden of vertrek.

De rol van de rentmeester bij wonen en verhuren op een landgoed

Een landgoedrentmeester bewaakt de samenhang tussen de woningen en de rest van het landgoed. Dat begint bij huurovereenkomsten en puntentelling, loopt via de pachtadministratie en de afspraken met bewoners, en eindigt bij de vraag hoe een bouwplan zich verhoudt tot het omgevingsplan en de rangschikking. Bij verkoop, splitsing of uitgifte in erfpacht taxeert de rentmeester de woning en de grond en adviseert hij over de voorwaarden.

Bij een verzoek om woningen toe te voegen, staat de rentmeester naast de eigenaar in het gesprek met de gemeente. VHNO werkt daarbij uitsluitend voor de grondeigenaar en stemt fiscale en notariële vragen af met de fiscalist en notaris van de familie. Hoe wij die rol invullen, staat op onze pagina over rentmeesterschap.

Veelgestelde vragen over wonen op een landgoed

Kan ik een woning op een landgoed huren als ik er niet werk?

Ja. Veel landgoederen verhuren woningen aan particulieren zonder band met het beheer. U sluit dan een gewone huurovereenkomst, met dezelfde huurbescherming als elders. Het aanbod loopt vaak via het landgoed zelf of zijn rentmeester.

Mag ik permanent wonen in een recreatiewoning op een landgoed?

Alleen als het omgevingsplan wonen op die plek toestaat, of als de gemeente daarvoor een vergunning verleent. Is dat niet het geval, dan is permanente bewoning in strijd met het omgevingsplan en kan de gemeente handhaven. Vraag dit na voordat u huurt of koopt.

Kan ik een woning op een landgoed kopen?

Dat kan, maar het aanbod is beperkt, omdat landgoedeigenaren hun bezit bij voorkeur bij elkaar houden. Komt er een woning vrij, dan gaat het om koop in volle eigendom of om een woning in erfpacht of opstal, waarbij de grond van het landgoed blijft. Let bij aankoop op wat de akte regelt over erfdienstbaarheden, paden, beplanting en eventuele beperkingen bij doorverkoop.

Kan de eigenaar de huur opzeggen als hij de woning zelf nodig heeft?

Alleen als hij aannemelijk maakt dat hij de woning dringend nodig heeft voor eigen gebruik. De rechter weegt de belangen van beide partijen, en de huurder moet andere passende woonruimte kunnen krijgen. Verkoop van de woning geldt niet als eigen gebruik.

Wat is het verschil tussen erfpacht en huur van een landgoedwoning?

Huur is een overeenkomst die de huurder het gebruik van de woning geeft. Erfpacht is een zakelijk recht: de erfpachter mag de onroerende zaak houden en gebruiken, betaalt daarvoor doorgaans een canon en kan het recht in beginsel verkopen of nalaten, tenzij de akte daar voorwaarden aan stelt. De grond blijft in beide gevallen van het landgoed.

Tot slot

Wie op een landgoed woont, woont in een geheel dat groter is dan de eigen woning. Voor de huurder gelden de gewone regels van huur of pacht, met de bescherming die daarbij hoort. Voor de eigenaar draait het om samenhang: tussen de woningen en het beheer van het geheel, tussen bouwwensen en het omgevingsplan, en tussen nieuwe opstallen en de rangschikking onder de Natuurschoonwet.

Wie die samenhang vooraf doordenkt, voorkomt dat een goedbedoelde verhuur, verbouwing of verkoop het landgoed later beperkt. Een zorgvuldig huurbeleid, heldere afspraken binnen de familie en een toets aan de NSW-regels houden het landgoed ook voor de volgende generatie bewoonbaar en beheersbaar.

Overweegt u een woning op uw landgoed te verhuren, te verbouwen of af te splitsen, of wilt u weten wat een nieuw landgoed op uw grond kan betekenen? Neem dan contact op met een landgoedrentmeester van ons kantoor. Wij kijken eerst wat het omgevingsplan en de rangschikking op die plek toelaten.

Regelgeving en marktomstandigheden veranderen. Dit artikel geeft algemene informatie en is geen advies over uw persoonlijke situatie. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend.

Impressies uit ons werkgebied
Landgoed met vijver en bos vanuit de lucht
Landhuis met vijver op een landgoed
Entree van een historische buitenplaats
Landhuis tussen oude bomen in de herfst


← Terug naar kennisbank

Wilt u weten hoe u ervoor staat?

Legt u uw situatie voor aan een van onze rentmeesters. U krijgt een helder oordeel over uw positie en over de stappen die verstandig zijn.

Leg uw situatie voor

In Memoriam Johan van der Slikke (1951–2025)

Op donderdag 19 juni jl. ontvingen wij het droevige bericht dat Johan van der Slikke is overleden. Johan was een bevlogen rentmeester en ondernemer met een scherp oog voor de agrarische sector. Met zijn kantoor, opgericht in de jaren ’80 op Schouwen-Duiveland, bouwde hij aan een indrukwekkende praktijk in Zeeland, West-Brabant en ver daarbuiten.

Johan stond bekend om zijn passie voor het vak, zijn warme omgang met klanten en zijn visie op rentmeesterschap. Onder zijn leiding groeide het kantoor uit tot een breed georiënteerd bedrijf met activiteiten op het gebied van makelaardij, beheer, taxatie en onteigening — altijd met een persoonlijke en deskundige benadering.

In 2019 koos Johan bewust voor een overdracht van zijn onderneming aan Van Hoven & Oomen, met wie hij al lange tijd een warme band onderhield. Zo ontstond Van Hoven & Oomen Van der Slikke Rentmeesters — een samensmelting van gedeelde waarden en kennis.

Johan was een echt mensenmens: bourgondisch, humoristisch, innemend en vol verhalen. Hij laat een blijvende indruk achter.

Wij wensen zijn vrouw Marieke, de kinderen en kleinkinderen veel kracht en troost toe in deze moeilijke tijd.

_60A7955 _60A7955