Home / Kennisbank / Bestemmingsplan wijzigen voor woningbouw: het proces

Bestemmingsplan wijzigen voor woningbouw: het proces

Zonder bestemmingswijziging mag er niet worden gebouwd. Lees hoe het traject verloopt, wat het kost en hoe uw grond onderweg in waarde stijgt.

Wilt u op uw perceel woningen bouwen, dan moet de bestemming worden gewijzigd. Zolang er agrarisch gebruik op ligt, mag er niet worden gebouwd, hoe geschikt de locatie ook is. Die wijziging is geen formaliteit maar een traject van jaren waarin veel partijen iets te zeggen hebben.

Sinds 1 januari 2024 heet het bestemmingsplan officieel het omgevingsplan. De oude term is echter zo ingeburgerd dat vrijwel iedereen hem nog gebruikt, en bestaande bestemmingsplannen zijn van rechtswege onderdeel van het omgevingsplan geworden. In dit artikel leest u hoe het proces verloopt. Voor de bredere context verwijzen wij naar onze pagina over warme gronden.

💡 De kern in het kort

  • Zonder wijziging van de bestemming mag er niet worden gebouwd, ongeacht hoe geschikt de locatie is.
  • Sinds 2024 heet het bestemmingsplan het omgevingsplan. De procedure is daarmee veranderd.
  • Een wijziging vraagt onderzoek: bodem, geluid, water, natuur, verkeer en stikstof.
  • De gemeente werkt alleen mee als de wijziging past in haar beleid en het kostenverhaal is geregeld.
  • Reken op meerdere jaren van eerste gesprek tot onherroepelijk besluit.
  • Uw grond stijgt in waarde naarmate het traject vordert, en dat bepaalt het beste verkoopmoment.

Waarom een bestemmingswijziging nodig is

Elk perceel in Nederland heeft een functie toegekend gekregen. Op agrarische grond mag u boeren, niet bouwen. Wilt u woningen realiseren, dan moet die functie eerst worden gewijzigd naar wonen.

Dat is geen administratieve handeling. De gemeente moet beoordelen of woningbouw op die plek verantwoord is: past het in het beleid, is er behoefte aan, is de locatie geschikt, wat betekent het voor de omgeving.

Die beoordeling vraagt onderzoek en afweging, en daar gaat tijd overheen. Voor eigenaren is dat frustrerend, maar het is ook de fase waarin de waarde van hun grond stijgt.

Want zodra de wijziging er ligt, is uw perceel geen landbouwgrond meer maar bouwgrond, met een waarde die daarbij past.

Van bestemmingsplan naar omgevingsplan

Onder de Omgevingswet heeft elke gemeente één omgevingsplan voor haar hele grondgebied, waarin alle regels over de fysieke leefomgeving samenkomen. De oude bestemmingsplannen zijn daarin van rechtswege opgegaan.

Voor u verandert de kern niet: er moet een besluit komen waarin uw perceel een woonfunctie krijgt. Wel heten de instrumenten anders en zijn de procedures aangepast.

Naast een wijziging van het omgevingsplan bestaat de mogelijkheid van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Dat is een route waarmee een initiatief mogelijk wordt gemaakt zonder het plan zelf te wijzigen.

Welke route past, hangt af van de omvang van uw plan en van het beleid van uw gemeente. Lees meer in het omgevingsplan wijzigen.

BestemmingsplanTot 1 januari 2024Een plan per deelgebiedEigen procedure per wijzigingToets: goede ruimtelijke ordeningExploitatieplan bij kostenverhaalOude stelselOmgevingsplanVanaf 1 januari 2024Een plan voor de hele gemeenteWijziging van het omgevingsplanToets: evenwichtige toedelingKostenverhaal in het plan zelfHuidig stelsel

Wat de gemeente van u verwacht

Een gemeente werkt niet mee aan elk initiatief. Zij toetst eerst of uw plan past in haar beleid: de omgevingsvisie, de woonvisie, afspraken over aantallen woningen en over het type woningen dat nodig is.

Past het daarin, dan volgt een principebesluit of een intentieovereenkomst. Dat is nog geen toezegging, maar wel het signaal dat de gemeente bereid is het traject in te gaan.

Daarna moet u onderzoeken aanleveren en moet het kostenverhaal worden geregeld. Zonder anterieure overeenkomst gaat een gemeente doorgaans niet over tot vaststelling.

Reken erop dat u de kosten van het traject voorfinanciert. Onderzoeken, stedenbouwkundig advies en plankosten lopen op voordat er iets is besloten.

De onderzoeken die nodig zijn

Voordat een gemeente een wijziging kan vaststellen, moet zij kunnen onderbouwen dat de nieuwe functie verantwoord is. Dat vraagt een reeks onderzoeken die u als initiatiefnemer doorgaans zelf laat uitvoeren en betaalt.

Standaard zijn bodemonderzoek, archeologie, geluid, luchtkwaliteit, externe veiligheid, water en ecologie. Bij agrarische percelen komt daar vaak onderzoek naar geurhinder van omliggende bedrijven bij.

Stikstof is de laatste jaren de lastigste. Ligt er een beschermd natuurgebied in de buurt, dan moet worden aangetoond dat de ontwikkeling niet tot extra depositie leidt. Dat kan een project vertragen of zelfs blokkeren.

Laat vroeg een quickscan doen op de knelpunten. Het is beter een probleem in maand twee te ontdekken dan na twee jaar onderzoek.

De formele procedure stap voor stap

Na de voorbereiding volgt een ontwerpbesluit dat ter inzage wordt gelegd. Iedereen kan daarop een zienswijze indienen, en dat gebeurt regelmatig: omwonenden, belangenorganisaties, soms een naburig bedrijf dat beperkingen vreest.

De gemeente beantwoordt die zienswijzen en stelt daarna het besluit vast, eventueel gewijzigd. Tegen het vastgestelde besluit staat beroep open bij de bestuursrechter.

Pas als die termijn is verstreken zonder beroep, of als de rechter uitspraak heeft gedaan, is het besluit onherroepelijk. Dat moment telt, want vanaf dan is uw perceel formeel bouwgrond.

Lees de volledige route in de planologische procedure stap voor stap.

Kostenverhaal: wat de gemeente terugvraagt

Een gemeente maakt kosten voor het gebied waarin u ontwikkelt: wegen, riolering, groen, water, plankosten en soms voorzieningen die meerdere gebieden dienen. Die kosten mag zij op u verhalen.

Dat gebeurt bij voorkeur via een anterieure overeenkomst, gesloten voordat het besluit wordt vastgesteld. Daarin staat welk bedrag u betaalt en waarvoor, en welke afspraken er gelden over uitvoering en fasering.

Die overeenkomst bepaalt in belangrijke mate of uw plan rendabel is. Een te ruime kostenverdeling kan een gezond plan onhaalbaar maken.

Laat de opbouw altijd specificeren en narekenen. Zie de anterieure overeenkomst en kostenverhaal onder de Omgevingswet.

Wat het met de waarde van uw grond doet

De waardeontwikkeling loopt gelijk op met de zekerheid over de bestemming. Zolang er alleen beleid ligt, is uw perceel agrarische grond met een bescheiden opslag voor verwachting.

Bij een principebesluit stijgt die verwachting, bij een ontwerpbesluit verder, en bij een onherroepelijk besluit is uw perceel bouwgrond. De sprong tussen die laatste twee is doorgaans het grootst.

Dat verklaart waarom het moment van verkopen zoveel uitmaakt. Wie verkoopt vóór de wijziging, laat de waardestijging aan de koper. Wie wacht, draagt het risico dat de wijziging er niet komt.

Onze bij het NRVT geregistreerde taxateurs bepalen de waarde op elk moment in dat traject. Bekijk onze vastgoedtaxatie.

Zelf wijzigen of verkopen aan een ontwikkelaar

Veel eigenaren kiezen ervoor het traject niet zelf in te gaan maar te verkopen aan een partij die dat wel doet. Dat scheelt risico, tijd en voorfinanciering, en het levert direct geld op.

Daar staat tegenover dat de ontwikkelwinst dan bij de koper terechtkomt. Bij een geslaagde wijziging is dat verschil vaak een veelvoud van wat u ontvangt.

Een tussenvorm is samenwerking: u houdt de grondpositie en deelt in het resultaat, terwijl een ontwikkelaar de uitvoering doet. De voorwaarden bepalen of dat gunstig uitpakt.

Lees over de valkuilen in optieovereenkomst met een projectontwikkelaar.

Zienswijzen en bezwaren van de omgeving

Vrijwel elk bouwplan in het buitengebied roept reactie op. Omwonenden die hun uitzicht kwijtraken, een naburig agrarisch bedrijf dat beperkingen vreest door nieuwe woningen, of een belangenorganisatie die zich zorgen maakt over natuurwaarden.

Die zienswijzen zijn geen formaliteit. De gemeente moet ze beantwoorden en kan het plan naar aanleiding daarvan aanpassen. Soms leidt dat tot minder woningen, een andere verkaveling of extra voorwaarden.

Het naburige bedrijf verdient bijzondere aandacht. Nieuwe woningen kunnen de uitbreidingsruimte van een bestaand agrarisch bedrijf beperken, en dat bedrijf zal zich daartegen verzetten. Vroeg overleg voorkomt vaak een procedure.

Reken die afstemming in uw planning in. Een buurman die meewerkt scheelt maanden, een buurman die procedeert kost jaren.

Planschade en nadeelcompensatie

Verandert de bestemming, dan kunnen omwonenden schade lijden en daarvoor een tegemoetkoming vragen bij de gemeente. Die verhaalt dat vervolgens op u als initiatiefnemer.

In de anterieure overeenkomst wordt dat risico vrijwel standaard bij u gelegd. Van belang is hoe dat is geformuleerd: een open verplichting om alle schade te vergoeden is iets anders dan een gemaximeerde bijdrage.

Laat daarom vooraf een planschaderisicoanalyse maken. Die geeft een indicatie van waar u rekening mee moet houden en voorkomt een open einde in uw exploitatie.

Wij nemen die post standaard mee in de doorrekening van uw plan.

Wat als de gemeente niet wil meewerken

Een gemeente is niet verplicht mee te werken aan een bestemmingswijziging. Zij heeft beleidsvrijheid en kan een initiatief afwijzen omdat het niet in haar woonvisie past, omdat er geen behoefte is aangetoond of omdat zij de locatie ongeschikt vindt.

Tegen zo een weigering staat een rechtsgang open, maar de rechter toetst terughoudend. Hij beoordeelt of de gemeente in redelijkheid tot haar besluit kon komen, niet of hij zelf anders zou beslissen.

Kansrijker is meestal het gesprek: aansluiten bij wat de gemeente wél wil. Een plan dat het gemeentelijke woningbouwprogramma bedient, met sociale huur of woningen voor starters, krijgt aanzienlijk sneller medewerking.

Wij helpen die vertaalslag te maken, van wat u wilt naar wat haalbaar is. Dat scheelt jaren.

Timing: wanneer u het beste begint

Het beste moment om te beginnen is voordat de gemeente zelf plannen maakt met uw gebied. Dan bepaalt u de agenda in plaats van erop te reageren.

Volg daarom de omgevingsvisie en de woonvisie van uw gemeente. Daarin staat jaren van tevoren waar zij wil groeien. Ligt uw perceel in zo een zoekgebied, dan is dat het signaal om na te denken over uw strategie.

Wacht u tot de gemeente bij u aanklopt, dan is de planvorming al gevorderd en is uw rol beperkt tot onderhandelen over een prijs of over de voorwaarden van zelfrealisatie.

Wij begeleiden grondeigenaren al meer dan veertig jaar bij die afweging, vanuit Ulvenhout, Beesel, Bruchem en Zierikzee, en werken daarbij uitsluitend voor de eigenaar. U wilt toch niet met iemand in zee gaan die ook afhankelijk is van uw tegenpartij?

Een praktisch aandachtspunt tot slot: houd er rekening mee dat gemeenten werken met vastgestelde woningbouwprogramma en regionale afspraken over aantallen. Zit die ruimte vol, dan is uw plan niet inhoudelijk afgewezen maar staat het in de wachtrij. Vraag daar expliciet naar, want het verschil tussen een nee en een nog niet bepaalt uw hele strategie en uw planning.

Veelgestelde vragen over bestemmingsplan wijzigen

Hoe lang duurt een bestemmingswijziging?

Reken van eerste gesprek tot onherroepelijk besluit al snel op twee tot vier jaar, en bij complexe locaties langer. De onderzoeksfase kost vaak een jaar, de formele procedure met terinzagelegging en besluitvorming nog eens een jaar, en beroep bij de rechter kan daar nog een periode bij optellen.

Wat kost het om de bestemming te laten wijzigen?

Dat loopt sterk uiteen. U betaalt onderzoeken, stedenbouwkundig advies, planbegeleiding en gemeentelijke leges, plus de exploitatiebijdrage die in de anterieure overeenkomst wordt vastgelegd. Die bijdrage is doorgaans de grootste post en hangt af van wat er in het gebied moet worden aangelegd.

Kan de gemeente weigeren mee te werken?

Ja. Een gemeente is niet verplicht mee te werken aan een bestemmingswijziging. Past uw initiatief niet in haar beleid of is er geen woningbehoefte aangetoond, dan kan zij het afwijzen. Tegen een weigering staat een rechtsgang open, maar de beleidsvrijheid van de gemeente is aanzienlijk.

Wat als de gemeente zelf wil ontwikkelen?

Dan ontstaat de vraag wie de bestemming realiseert. Bent u bereid en in staat het plan zelf uit te voeren zoals de gemeente het voor ogen heeft, dan heeft u recht op zelfrealisatie en ontbreekt de noodzaak om u te onteigenen. Maak dat vroeg kenbaar en onderbouw het concreet.

Stijgt mijn grond in waarde tijdens het traject?

Ja, en dat gebeurt geleidelijk. Hoe harder het vooruitzicht op bouwen wordt, hoe hoger de verwachtingswaarde. Bij een onherroepelijk besluit met een woonbestemming is uw perceel bouwgrond met de waarde die daarbij hoort. Dat maakt het moment van verkopen bepalend voor uw opbrengst.

Wie kan mij hierbij begeleiden?

Iemand die het planologische spoor kent én de grondwaarde kan beoordelen. Wij begeleiden grondeigenaren al meer dan veertig jaar bij grondvraagstukken in het buitengebied, van eerste verkenning tot onderhandeling met de gemeente, en wij werken daarbij uitsluitend voor de eigenaar.

Tot slot

Een bestemmingswijziging is een investering in tijd en geld waarvan de uitkomst niet vaststaat. Precies daarom loont het vooraf te weten wat het traject vraagt en wat uw perceel op elk moment waard is.

Onze aanpak kenmerkt zich door strijdvaardigheid voor de klant. Helder, concreet en weldoordacht.

Overweegt u een wijziging aan te vragen? Neem contact met ons op. U bent slechts een kop koffie van ons verwijderd.

Impressies uit ons werkgebied
Parkweide met zicht op de kerktoren
Weiland met schapen langs een rietkraag
Erf en landweg vanuit de lucht
Laan langs een erf in het buitengebied

← Terug naar kennisbank

Wilt u weten hoe u ervoor staat?

Legt u uw situatie voor aan een van onze rentmeesters. U krijgt een helder oordeel over uw positie en over de stappen die verstandig zijn.

Leg uw situatie voor

In Memoriam Johan van der Slikke (1951–2025)

Op donderdag 19 juni jl. ontvingen wij het droevige bericht dat Johan van der Slikke is overleden. Johan was een bevlogen rentmeester en ondernemer met een scherp oog voor de agrarische sector. Met zijn kantoor, opgericht in de jaren ’80 op Schouwen-Duiveland, bouwde hij aan een indrukwekkende praktijk in Zeeland, West-Brabant en ver daarbuiten.

Johan stond bekend om zijn passie voor het vak, zijn warme omgang met klanten en zijn visie op rentmeesterschap. Onder zijn leiding groeide het kantoor uit tot een breed georiënteerd bedrijf met activiteiten op het gebied van makelaardij, beheer, taxatie en onteigening — altijd met een persoonlijke en deskundige benadering.

In 2019 koos Johan bewust voor een overdracht van zijn onderneming aan Van Hoven & Oomen, met wie hij al lange tijd een warme band onderhield. Zo ontstond Van Hoven & Oomen Van der Slikke Rentmeesters — een samensmelting van gedeelde waarden en kennis.

Johan was een echt mensenmens: bourgondisch, humoristisch, innemend en vol verhalen. Hij laat een blijvende indruk achter.

Wij wensen zijn vrouw Marieke, de kinderen en kleinkinderen veel kracht en troost toe in deze moeilijke tijd.

_60A7955 _60A7955